
Volle bak natuurlijk. Zondagmiddag 9 januari speelde DeWolff zijn tweede volwaardige album, Orchards/Lupine, vrijwel integraal in het Mexicaans eetcafé Ernesto’s aan de Markt in Sittard. Dat de geluidsbeperking van het kleine zaaltje de toenemende muzikale omvang van DeWolff inperkte, deed niets af aan de klasse van de nieuwe nummers.
Wat DeWolff zo goed en bijzonder maakt is dat ze dùrven. Verleden, heden en toekomst omhelzen, niet bang zijn om de concurrentie aan te gaan met bands die ook psychedelische rock maken. Een term waarmee je het nieuwe album van DeWolff enigszins tekort doet. Waar veel andere uit het muzikale verleden puttende bands maar beter snel kunnen doorlopen, omdat ze bijvoorbeeld nauwelijks iets eigens toevoegen, maakt DeWolff er juist een punt van zich nadrukkelijk te willen onderscheiden. Neem het Australische Wolfmother: wilsonbekwamen die hooguit de schoenveters mogen vastmaken van Robin Piso en Pablo en Luka van der Poel.
Want wat de dappere drie uit Geleen laten horen is dat er meer mogelijk is in de psychedelische rock. Binnenstebuiten keren die handel. Aftasten en verkennen. Ze zijn er de muzikanten niet naar om zich neer te leggen bij de eeuwige suprematie van het verleden, bij, hoe respectabel ook, rolmodellen als King Crimson, Cream en Quicksilver Messenger Service. Om maar eens wat te noemen.

Gedurfd is de keuze om Ochards/Lupine muzikaal in tweeën te splitsen. Kopers van de cd zullen het verschil minder sterk ervaren, maar ze missen dan ook de prachtige, door de Poolse kunstenaar Kiryk Drewinski vervaardigde klaphoes. Dat onderscheid tussen de plaatkanten pakt trouwens geweldig goed uit. Wat heet. Kant één is ronduit verpletterend. Het openingsnummer Diamond geeft aan waar DeWolff voor staat. Voor nòg meer durf. Dat de gitaar een schimmige bluesschets speelt tegenover het rondspokende geluid van de mellotron geeft de teneur aardig weer: introvert en getergd, van buiten af de blik naar binnen richten. Dat gaat zo een tijdje door over die hele kant.
Waarna je de plaat niet eens durft om te draaien. Met trillende handen waag je het er toch maar op. Dan volgt de ontlading. Om te onderstrepen dat het DeWolff menens is met het zich eigen maken van invloeden uit het verleden, laat de band gitaarrock samensmelten met lange psychedelische solo’s; toch al een andere kwaliteit van dit album. DeWolff neemt nog meer de tijd om nummers uit te diepen met solo’s voor gitaar en Hammondorgel, meer aandacht voor zang, waardoor de nummers spannender, meeslepender en doorwrochter klinken.

Het lijkt ze allemaal zo makkelijk af te gaan. Vanzelfsprekend bijna. Dat blijft toch altijd het ware kenmerk van uitzonderlijke klasse. Beseffen deze jongens zelf wel hoe goed ze zijn? Goed genoeg om beide plaatkanten zomaar te beëindigen met zulke majestueus gestileerde ballads, waarin het spook van de mellotron mag rondwaren. Goed genoeg voor een album dat wel eens zou kunnen uitgroeien tot een van de psychedelische meesterwerken in de popmuziek.
(Wie de vinylversie aanschaft krijgt behalve de mooie hoes nog iets extra’s. De uitloopgroef wordt onderbroken voor een instrumentaaltje. Maar je moet er wel wat voor doen om dit te kunnen beluisteren)
Op 4 februari 2011 speelt DeWolff in De Nieuwe Nor in Heerlen. Voor dit concert stelt ZwartGoud binnenkort enkele gratis kaarten beschikbaar. Hou de site dus in de gaten voor meer informatie.
DeWolff – Orchards/Lupine (lp, Remusic 2011)
Tekst: Harry Prenger
Foto’s: Jeff Jaspar

DeWolffmanager Ron Engelen overhandigt aan Robin Piso het eerste vinylexemplaar van Orchards/Lupine tijdens albumpresentatie bij Ernesto's in Sittard