Francis Alÿs maakt het onwetende tastbaar

Veel van wat Francis Alÿs maakt krijgen we niet te zien. Duwt hij in de straten van Mexico een blok ijs voor zich uit. Geeft hij instructies aan honderden mannen hoe ze in een woestijn stapsgewijs een hoopje zand moeten scheppen. Kunst, want dat is het, die zich afspeelt buiten de omheining van museums, in omgevingen waar kunst meestal ver te zoeken is; op straat of in een woestijn desnoods. De omgeving als expositieruimte. Wel worden er van zijn performances opnamen gemaakt die tijdens tentoonstellingen en op internet te zien zijn.

De kunst van Alÿs oogt nogal bescheiden. Maar vergis je niet. Betekenis en daadkracht sluimeren voortdurend onder de oppervlakte, dagen niet ogenblikkelijk uit maar zijn wel degelijk politiek geladen. Misschien is het beter te spreken van acties in plaats van performances. De omgeving is in Alÿs’ werk net zo belangrijk als de handelingen en gewaarwordingen die heel subtiel op de loer liggende conflictsituaties suggereren. Op de loer, omdat hij een lichte voorkeur heeft voor humor, ironie en het onbevangene. Alsof hij zichzelf wil blijven verbazen en deze verbazing wil overbrengen op de toeschouwer.

Ondanks dat zijn acties er makkelijk en soms wat onbeholpen uitzien, zijn ze zorgvuldig bedacht en gepland. Alÿs gaat op onderzoek uit dat pas  na verloop van tijd, wanneer de handelingen lang genoeg hebben geduurd, een vergrootglas blijkt voor iets wat we eigenlijk niet willen weten: oefeningen in verveling, met de nadruk op herhaling. Zoals het leven van mensen in de stad een herhalingsoefening is, een ongekunstelde performance van winkelend publiek dat gretig ingaat op koopjes of, zonder erbij na te denken, de zondag doorbrengt op de woonboulevard, wars van zelfreflectie voor zijn eigen koopgedrag.

Alÿs is zo slim dit niet al te nadrukkelijk te weerspiegelen waardoor zijn beeldtaal iets poëtisch en zachtaardigs krijgt. Kunst die er niet uitziet als kunst en juist daarom op het verkeerde been zet. Bij Alÿs geldt de wet van het omgekeerde. Iets tonen door het niet te laten zien. Net zoals de shoppende medemens niet in de gaten heeft dat hij zich laat lokken en verleiden door de subliminale boodschap van marketing en advertenties. Schimmig en verborgen, net als Alÿs zelf. Hij heet eigenlijk Francis de Smedt.

In Guards filmt Alÿs de bekende Londense wachters van Buckingham Palace in het voor hen zo kenmerkende knalrode uniform met kingsize bontmuts. Eerst loopt er eentje verdwaald rond, op zoek naar een metgezel om een peloton van 64 wachters te vormen die in de slotminuten synchroon door de straten van Londen marcheren. Wat de film een meerwaarde geeft zijn de beelden; beurtelings vanaf het dak en vanuit het peloton genomen, de stilte door de afwezigheid van verkeer, waardoor het geluid van het marcherende ritme bijna fysiek wordt. Alÿs maakt er iets indrukwekkends van, een ‘choreografie van ritueel machtsvertoon’.

In het Bonnefantenmuseum is Alÿs door het hele gebouw zichtbaar en onzichtbaar. Dat levert voor de bezoeker nog een hele klus op. Een zoektocht aan de hand van monitors met videobeelden, bevestigd aan de muren als een soort richtingwijzers. Hoe dan ook beland je op gegeven moment in de grote zaal waar een ode aan de stilte is gedrapeerd. Silencio is een werk van driehonderd onderscheidelijk gekleurde deurmatjes, dat voor het eerst in zijn volledigheid wordt getoond. Het materiaal is van geluiddempend rubber, de afbeeldingen met zijn wijsvinger tegen de lippen, manen tot stilte. Iets benadrukken en laten zien wat er niet meer is. Stilte. Waar vind je het nog?

In samenspraak met Alÿs is ter gelegenheid van de aan hem toegekende BACA Award (de enige belangrijke prijs voor beeldende kunst in ons land), een kruisbestuiving aangegaan met werk van kunstenaars van de Jan van Eyck Academie in Maastricht. In enkele aangrenzende zalen levert dat volgens het Bonnefantenmuseum ‘de straat als een ruimte vol dubbelzinnigheden’ op. Becoming ahhh luidt deze masterclass voor kunststudenten voor wie de conceptuele kunst uitkomst biedt, een hulpmiddel is om zich te doen gelden in de veronderstelling dat idee en concept belangrijker zijn dan de kracht van het beeld. Een grove misvatting, zoals blijkt uit de werken waar je schouderophalend aan voorbij gaat in de hoop dat het nog wat wordt, met gebruiksaanwijzing.

BACA Laureaat 2010: Francis Alÿs (Bonnefantenmuseum, Maastricht t/m 27 maart 2011)

Meer info: Bonnefantenmuseum

Harry Prenger


    Plaatsen/stemmen op NUjij Plaatsen/stemmen op Digg Stumble it! Voeg dit artikel toe aan Del.icio.us Voeg toe aan je Google bladwijzers Plaats dit bericht op Twitter Geef dit als tip aan je Hyves-vrienden Voeg toe aan je Facebook-profiel Deel met je MySpace-vrienden Deel met je LinkedIn-contacten

    Tags: , ,

    3 comments

    1. ook de moeite waard; op dit moment francis alÿs te zien in ‘wiel’s’ te brussel.

    Leave a comment