
“Een kutboel is het hier!”, klinkt het in Krimpen aan de Maas, het tweede deel van de Tegenlicht-documentairereeks Nederland Op De Tekentafel, een onderzoek naar de toekomst van grensregio’s, dat gisteravond werd uitgezonden op het publieke Net 2. Beelden van een desolaat, stedelijk landschap vergezellen de roep om aandacht. Verwaarloosde huizenblokken en lege plekken wisselen elkaar af. De documentairemakers nemen niet de moeite de schreeuwer te vragen naar zijn motivatie. Het scenario voor de uitzending lag al vast. Gemaakt op de tekentafel in Hilversum.
Dát scenario is eenvoudig te volgen. Een architectonische oplossing voor krimp in de regio Zuid-Limburg staat centraal. Daar worden twee alternatieven voor gegeven die op simplistische wijze tegenover elkaar worden gezet. Jo Coenen, voormalig rijksbouwmeester, mag dromen van een nieuwe metropool in het hart van Europa, met Luik en Aken – ooit ook al het hart van Europa – als uiteinden en Maastricht, Sittard, Hasselt en Heerlen als verbindende schakels. Die nieuwe stedenring noemt hij Bandstad. Jerome Paumen, nog niet lang afgestuurd en als architect werkzaam bij bureau HVM in Hoensbroek, zoekt het in lokaliteit en gemeenschapszin. Een beetje terug naar vroeger, zeg maar.
In Krimpen aan de Maas – geen Maas te bekennen, overigens – staan beide visies lijnrecht tegenover elkaar. Econonoom en demograaf Wim Derks, ‘mister krimp’, komt met een algemene beschouwing die te abstract is om aansluiting te vinden bij de twee concrete visies. Alleen de goede verstaander ziet dat er juist in de combinatie een interessante toekomst ligt. In het Limburgs Dagblad van afgelopen zaterdag neemt journalist Wiel Beijer, die de aflevering vrijdag reeds mocht zien tijdens een speciale buurtvoorstelling in Sittard, de uitsluitende visie van Tegenlicht over. Het is óf gaan voor grootstedelijkheid óf terug naar het dorpse, schrijft hij.
Dat is hem moeilijk kwalijk te nemen. VPRO’s Tegenlicht doet z’n werk goed. Krim is hip, in krimp zit geld, krimp is aandacht. De lokale identiteit waar Paumen waarde aan hecht wordt knap gekoppeld aan beelden van regionale volkszangers, een opbloeiende buurtwinkel, verontruste bewoners (zestigers) die geen heil zien in verandering en een lokale appelstroopmaker. Coenen gaat mét camera op bezoek in Luik, Aken en het centrum van Heerlen waar het voormalige warenhuis Schunck* is omgebouwd tot een cultuur- en kunstcentrum met nationale uitstraling. De finale van het International Breakdance Event geldt als lakmoesproef. Coenen, dát is de man van het moderne, van de toekomst.
Goed, een dergelijke benadering was te verwachten. In de eerste, algemene aflevering van de documentairereeks werd stad en platteland ook al tegenover elkaar gezet. Essayist Bas Heijne mocht, niet gehinderd door sociologische kennis, zijn visie op de hedendaagse wereld geven. En ja, vanuit Amsterdam klinkt dat eenvoudige wereldbeeld – stad versus platteland – wellicht logisch, de praktijk is weerbarstiger. Sinds het begin van deze eeuw is er een krachtige trend van lokalisering waarneembaar. Door nieuwe media, die de wereld nóg kleiner maken, én door globale ontwikkelingen zoals de aanslagen van 9/11 die door weinig mensen geplaatst kunnen worden. Gevolg? Behoefte aan zekerheid, authenticiteit, échtheid.
Kortom, lokaal staat óók gewoon voor hip, modern en, eh, werelds. Stedelijk óók voor achtergebleven, niet-authentiek en traditioneel. Dat Tegenlicht gaat voor de gemakkelijke en ouderwetse invulling van beide begrippen is jammer en onnodig. Maar goed, dat is de keuze van de Randstedelijke redactie. Uiteindelijk weet Krimpen aan de Maas toch te beklijven, omdat er wel degelijk indirecte verbanden worden gelegd tussen de visies van Coenen en Paumen. Het gaat immers bij beide om de zoektocht naar een nieuwe identiteit. Én die is altijd geworteld in het verleden. Dat is alvast een bindende factor. Parkstad – of eigenlijk: Heerlen, dat zich de laatste tijd op veel positieve aandacht vanuit de Randstad mag verheugen – wordt geportretteerd als de vleesgeworden droombeeld van Coenen. Schunck*, in hartje centrum, heeft de moderne uitstraling die bij de toekomst past. Dat idee wordt, zoals inwoners van de regio weten, vooral gedragen door de kleine culturele elite in de stad.
Die identiteit – het eindelijke probleem, en dus niet krimp – is een lastige. Zuid-Limburg is geen Nederland, dat sijpelt steeds door in Krimpen aan de Maas. De ondernemers op het Euregionale bedrijventerrein Avantis hebben last van Nederland dat ver achterloopt op het gebied van duurzame energie. Een oplossing? Daar heeft Tegenlicht ook aan gedacht. Een Think Tank – hoe verzin je het woord – van University College Maastricht heeft een analyse gemaakt die uitblinkt in oppervlakkigheid, taalfouten (voornamelijk Engelse ziekte, dat verklaart wellicht de naam van de, eh, denktank) en algemene beschouwingen. Dat het door het Heerlense conceptbureau DrieZesNul op basis van dat rapport gemaakte ambitiekaart Europolis – vernoemd naar een concept van Maurer United Architects uit Maastricht – geen ambitie uitstraalt is daar aan te wijten.
Nieuwe inzichten biedt Krimpen aan de Maas niet, of het moet zijn dat het denken in toekomstoplossingen in Parkstad al veel verder is dan in de Randstad en Maastricht. Dat compliment kan de regio in z’n zak steken.
Links:
Kijk naar Krimpen aan de Maas bij VPRO’s Tegenlicht.
Ambitiekaart Eutropolis van DrieZesNul in samenwerking met Tegenlicht en University College Maastricht.
Rapport Krimpen aan de Maas van ‘Think Tank’ University College Maastricht.
Theo Ploeg
Tags: Heerlen, identiteit, Jerome Paumen, Jo Coenen, Krimp, Parkstad, Tegenlicht, VPRO, Wim Derks, Zuid-Limburg




De eerste twee afleveringen lijken inderdaad een serie open deuren die ingetrapt worden. Jammer dat de visies van beide architecten niet door de makers van het programma in een wat bredere context worden geplaatst. Het idee van de injecteren van culturele programma’s past helemaal in het denken over de creatieve stad. Iets wat op bestuurlijk niveau graag gedaan wordt en waar de nodige subsidiestromen mee los komen. Dit wordt mooi omschreven in het stuk ‘een pleidooi voor de oncreatieve stad’ van BAVO.
Verder past het idee van Paumen, over het in stand houden van het sociale potentieel van een wijk, perfect in het huidige denken over stedelijke vernieuwing. Iets wat men geleerd heeft van de vele stadsvernieuwingsprojecten die ons land reeds ondergaan heeft en kennis die grotendeels gebundeld is in het KEI-centrum. Een problematiek die dus niet direct met krimp te maken heeft.
Een ruimtelijk dilemma dat kort genoemd wordt is wat Paumen omschrijft als de gatenkaas. Corporatie-bezit dicteert voor een groot deel waar in de wijken ingegrepen kan worden. Bij particulier bezit is dit immers vele malen lastiger. De grote uitpond-acties van de grote beleggers die in deze crisistijd worden uitgevoerd (met name juist in de krimpregio’s) maken dit probleem alleen maar groter. In deze uitzending wordt dit echter afgedaan met de dooddoener dat elke wijk anders is.
Hopelijk brengt de combinatie van de verschillende uitzendingen meer gelaagdheid over deze, allemaal zeer zinnige, maar sterk oppervlakkig behandelde visies.
korte info vanaf de zijlijn. De naam ThinkTank (“denk tank”) komt door onderstand project:
http://www.parkstad-limburg.nl/index.cfm/parkstad-limburg/nieuwsbrieven-archief/title/thinktank-positioneert-de-regio?mailingid=3451A3E1-1517-64D9-CC76A9AFAEF0D00E