Voor een culturele zomer is meer nodig dan geld

Skyline Heerlen (foto: Michel Vos)

Een te dure hobby, dat vindt de Stadspartij Heerlen van Schunck*. Toch besloot de raad deze week om nog eens één miljoen euro extra te investeren in cultuur. Een moedig besluit. Heerlen en Nijmegen zijn de enige Nederlandse steden waar niet gesneden wordt in cultuursubsidies. Maar voor een culturele zomer is meer nodig dan geld.

“Dat vind ik echt bezopen”, vat Lex Nelissen van Theater Lexor zijn mening op de zeventien miljoen euro die de gemeente Heerlen besteedt aan cultuur samen. Afgelopen vrijdag pakte het Limburgs Dagblad editie Parkstad uit met twee pagina’s over de omstreden cultuursubsidies. Mét prachtige illustraties van Marco Jeurissen en een live blogsessie zocht de krant ‘s middags op internet het debat.

Ja, Heerlen besteedt in vergelijking met andere gemeenten in Nederland veel geld aan cultuur. In mei dit jaar deed RTL Nieuws onderzoek naar cultuursubsidies bij de dertig grootste gemeenten van Nederland. Heerlen viel dus buiten de boot. Het lijstje levert wel mooi vergelijkingsmateriaal op. Zo besteedt Heerlen meer aan cultuur dan Breda, Den Bosch, Nijmegen en Delft. Dordrecht geeft het minste uit: zo’n 3,7 miljoen. Goed voor 31 euro per inwoner. De achttien miljoen komend jaar brengt Heerlen op gelijke hoogte met Maastricht en Haarlem. In Rotterdam ligt de subsidie per inwoner het hoogst: €188,53. Amsterdam volgt met €176,12. Was Heerlen meegenomen in het onderzoek? De stad zou de tweede plek van Amsterdam hebben overgenomen.

Goed, die cijfers zorgen voor emoties. Zeker wanneer er gesproken wordt over miljoenen. Daar speelt de PVV dankbaar op in. De partij vindt de zeventien miljard die jaarlijks in Nederland naar cultuur gaat veel te veel. Maar wat is te veel? En hoe verhoudt dat bedrag zich tot de andere uitgaven die opgenomen zijn in de staatsbegroting? Doet er niet toe. Het woord miljard is genoeg. Zo werkt dat ook op kleine schaal, in Heerlen. Is zeventien miljoen veel geld? Geen idee. Zonder interpretatie zeggen cijfers niets.

En interpretatie vraagt om kennis. De peilstok op die dubbele pagina over cultuur in Heerlen van het LD maakt dat pijnlijk duidelijk. Véronique Huurdeman-Geurten filosofeert er lustig op los: “Er is leegstand, armoede, weinig goede banen, huizen worden minder waard. Een uitgave van 17/18 miljoen aan cultuur zal daar beslist geen verandering in brengen… Integendeel.” De betrokken Heerlense slaat de plank volledig mis. Cultuur kan wel degelijk de redding zijn voor Parkstad.

In een recente publicatie van de Atlas Der Gemeenten wordt Heerlen aangehaald als hèt voorbeeld voor creatief stadsbeleid. ‘Een van de weinige bewezen effectieve manieren om met lokaal beleid de aantrekkingskracht van een stad te vergroten, en de lokale economie te stimuleren’, schrijft onderzoeker Gerard Marlet in zijn cahier Muziek in de stad – Het belang van podiumkunsten, musea en erfgoed voor de stad over Heerlen. Dat is precies waar wethouder cultuur Lex Smeets op inzet. Hij betoogt dat cultuur de stad aantrekkelijk maakt als vestigingsplaats én dat de economische spin-off groot is.

Klopt, maar zo eenvoudig is het allemaal niet. Want ja, ook Véronique Huurdeman-Geurten heeft een beetje gelijk. Dat cultuur gebaat is bij veel geld is een misvatting. Steden als Manchester, Berlijn, Rotterdam en Antwerpen waren er ooit net zo ‘erg’ aan toe als Heerlen nu en zijn tegenwoordig steden die zeer aantrekkelijk zijn voor creatieven. Ze wisten op eigen kracht het hoofd boven water te houden. Door gewoon te doen, uit noodzaak, want geld was er niet. Amsterdam en Londen bewandelden een andere route. Daar zette de gemeente in op een bloeiende creatieve industrie. Gevolg? Kunst zonder directe economische waarde is er nauwelijks nog te vinden en subsidies worden rondgepompt tussen gevestigde cultuurinstellingen.

En tja, die cultuurinstellingen gaan voor eigen succes. Trekken zich niets aan van Véronique. Op kleine schaal is die ontwikkeling reeds te signaleren in Heerlen. Hartstikke fijn voor Schunck* dat NRC en de Volkskrant lovende stukjes schrijven, maar de – overigens prachtige – exposities trekken, behalve rond de opening, nauwelijks bezoekers. Véronique is vast niet naar de huidige expo van John Cage geweest. Ligt dat aan haar? Nee, zeker niet. Schunck* is niet bepaald het toonbeeld van laagdrempeligheid en doet geen moeite om relaties aan te knopen met de directe omgeving. Waar is de samenwerking met Heerlense popmuzikanten die Cage onder handen nemen? Waarom niet uitgelegd aan de liefhebbers van dubstep en drum&bass, in Parkstad populaire muziekgenres onder jongeren, dat Cage één van de pioniers is in die genres?

Het antwoord is eenvoudig: er is geen noodzaak. Dat is niet alleen Schunck* kwalijk te nemen, maar ook de gemeente. Wie een grote zak met geld krijgt, denkt niet na over lastige kwesties. Dat is het betrekken van de ‘gewone’ man en vrouw in Parkstad zeker. En tja, zonder de goedkeuring van Véronique wordt het beslist geen culturele zomer. Eén miljoen extra voor cultuur? Prima. Maar de verdeling van die overige zeventien miljoen moet opnieuw kritisch worden bekeken. Misschien moet de voltallige gemeenteraad eens op bezoek bij Lex Nelissen. Hij runt zijn Theater Lexor zonder enige subsidie. Zo kan het dus ook.

Theo Ploeg

[update: Theater Lexor krijgt wel degelijk subsidie, al is het weinig. Zie de comment van Lex Nelissen op deze column.]

    Plaatsen/stemmen op NUjij Plaatsen/stemmen op Digg Stumble it! Voeg dit artikel toe aan Del.icio.us Voeg toe aan je Google bladwijzers Plaats dit bericht op Twitter Geef dit als tip aan je Hyves-vrienden Voeg toe aan je Facebook-profiel Deel met je MySpace-vrienden Deel met je LinkedIn-contacten

    Tags:

    11 comments

    1. Beste Zwart Goud, prachtig dat op het einde van dit stuk de naam van Theater Lexor wordt genoemd als zijnde een voorbeeld zoals het in Heerlen zou moeten maar,even voor alle duidelijkheid en om misverstanden te voorkomen, Theater Lexor heeft sinds twee jaar subsidie. Het bedrag is jaarlijks 10.000 euro, en bedoelt voor projecten, zoals het Parkstad Cabaret Festival, de Buitenmarkt, Il Bordello d”Amore, Belgisch Cabaret Weekend e.a.

    2. Theo Ploeg spreekt a.s. maandag over het cultuuraanbod in Parkstad tijdens de vernieuwde Cultuurbrouwerij, vanaf 20.00u in het café van poppodium NIEUWE NOR. Zie bijgaande link voor meer informatie. Toegang gratis!

    3. Om Rotterdam nu nog als een positief voorbeeld te noemen… Dat was misschien zo rond de opkomst van Motel Mozaïque en de hoogtijdagen van Now & Wow. Nu zijn de Watt en de Waterfront dicht, is de Dance Parade verboden, is het filmfestival al lang niet meer toonaangevend en is Lantaren/Venster uit het centrum gehaald naar nieuwbouw op Zuid. Er gaat procentueel volgens mij nog meer naar grote jongens De Doelen en Boymans dan in Amsterdam.

      Wat Heerlen volgens mij mist is een studentenpopulatie. De stad vergrijst en alle jongeren met potentieel die iets op kunnen starten zitten in Maastricht (waar ook niets gebeurt, volgens mij omdat het nog erger is dan Amsterdam wat betreft alleen maar geïnstitutionaliseerde grote dingen willen.)

    4. Mooi gebouw trouwens, daar rechts op de voorgrond.

    5. Véronique Huurdeman-Geurten slaat de plank inderdaad volledig mis. Als geboren Kerkradenaar en tegenwoordig ‘Winkbuul’ heb ik een hart voor Parkstad.
      Als cultuurwetenschapper voel ik me door de vorderingen van de laatste jaren (Schunck*, De Nor, Cultura Nova, Filmhuis de Spiegel) me steeds meer thuis in deze regio.
      Heerlen heeft sindskort voor hoogopgeleide jongeren (die we hier hard nodig hebben) pas echt iets te bieden. Als we nu gaan bezuinigingen op culturele instellingen die nog niet eens echt ‘volwassen’ zijn geworden, kan ik me voorstellen dat nog meer jongeren gaan verhuizen naar plekken, die wel een dynamiek uitstralen waar zij zich prettig bij voelen.

    6. ik denk dat het in heerlen niet ontbreekt aan een studentenpopulatie. als inwoner van maastricht, studentenstad, zie ik niet echt dat deze studenten een bijdrage leveren aan het culturele klimaat van de stad. naar mijn idee doet heerlen het erg goed en wordt de stad steeds veelzijdiger. als grafisch ontwerper met een eigen bureau wordt naar heerlen verhuizen met ons bureau steeds aantrekkelijker. maastricht stimuleert kleine bedrijven niet. werkplekken voor kleine, creatieve bedrijven zijn er niet of zijn heel duur. naar mijn idee doet heerlen er veel meer aan om een aantrekkelijk, betaaldbare omgeving te creeren voor creatieven. daar kan maastricht een voorbeeld aan nemen.

    7. Angelo Bombrini

      Prachtig die discussies allemaal….. Krijgen we geld (subsidie) zijn we VOOR. Krijgen we niks? Zijn we tegen.
      Probleem is volgens mij dat de organisaties zelf denken dat ze de creatieve industrie vormen. Begrijp me niet verkeerd…. ik ben voor CULTUUR, in alle opzichten maar proef ook dat er op een CREATIEVE manier gezorgd word om het systeem in leven te houden.
      Uiteindelijk barst toch de bom en dan is het huilen met de pet op. Wie bepaalt overigens hier wat CULTUUR is. En dat hebben ze toch mooi voor elkaar gekregen. Ik lig niet te zeuren horen en val niemand aan, wel ben ik overtuigd dat er eens goed gekeken moet worden hoe de verdeling eruit ziet en/of het niet anders kan. We hebben er allen baat bij en volgens mij gaat het in eerste instantie toch om deze stad….. HEERLEN.
      Ik doe een voorstel: organiseer een WORLDCAFE, nodig alle partijen inclusief kunstenaars, groot en klein, jong en oud uit, en kom op die manier tot een een oplossing. Zo is iedereen betrokken en ontstaat er sociale cohesie en begrip voor elkaar. Wie het weet mag het zeggen… toch?
      Tja… maar ik zal wel weer horen dat ik er niets van begrijp…. de jongens weten het altijd beter. We zullen zien. Kan een glimlach op dit moment even niet verbergen.
      Succes ermee.

    8. We are but humble Heerlenaren.

    Leave a comment